Is het (te) druk in Maastricht?
Hoeveel bezoekers ontvangt Maastricht? Het lijkt een eenvoudige vraag. Toch blijkt het antwoord verrassend ingewikkeld. De afgelopen periode legden we verschillende databronnen naast elkaar om beter te begrijpen hoe Maastricht wordt bezocht. We keken naar hotelovernachtingen, Nederlandse vrijetijdsbezoekers en bezoekersstromen in de binnenstad. Dat levert veel inzichten op. Maar ook een belangrijke conclusie: er bestaat niet één cijfer dat vertelt hoe druk Maastricht is.
Iedere bron meet namelijk iets anders. Hotelstatistieken zeggen niets over dagbezoek, het NBTC onderzoekt Nederlandse vrijetijdsbezoekers maar geen buitenlandse bezoekers, en mobiele data die we met Digitwin meten over het centrum, tellen ook inwoners en passanten mee.
Wat weten we wél? Het aantal geregistreerde overnachtingen is op lange termijn sterk gegroeid: in 2025 waren dat er circa 1,63 miljoen, ongeveer 75 procent meer dan in 2014. Tegelijkertijd bleef het aantal unieke Nederlandse vrijetijdsbezoekers de afgelopen jaren relatief stabiel. De mobiele data van Digitwin laten ons zien dat tussen januari 2024 en december 2025 nam het aantal centrumbezoeken toenam. Vanaf april 2026 is een afname zichtbaar, terwijl het totaal over de eerste helft van 2026 met circa 23 miljoen bezoeken ongeveer gelijk ligt aan dezelfde periode in 2025.
Ook over het profiel en gedrag van bezoekers weten we steeds meer. Zes op de tien hotelgasten komen uit Nederland. Onder Nederlandse vrijetijdsbezoekers zien we veel stellen. Winkelen is de belangrijkste afzonderlijke bezoekreden, maar eenmaal hier combineren bezoekers dat met horeca, wandelen, erfgoed, evenementen en cultuur. En ze besteden relatief veel: gemiddeld €105 per persoon, het hoogste bedrag van de 34 onderzochte steden in het NBTC-onderzoek.
Dat zijn relevante feiten, maar ze vertellen niet het hele verhaal. Drukte wordt ook beleefd. Een volle binnenstad kan voor een ondernemer betekenen dat het goed gaat. Voor een bezoeker kan het levendigheid en sfeer zijn. Voor een bewoner die op zaterdag boodschappen wil doen, kan precies diezelfde drukte een ergernis zijn.
Dat verschil zien we ook terug in het publieke debat, waarin kritiek klinkt op drukke weekenden, evenementen en piekperioden. Die signalen moeten we serieus nemen. Tegelijkertijd vraagt ook dat om nuance: drukte op een zaterdagmiddag in de Grote Staat zegt niet automatisch iets over Maastricht als geheel.
Precies daarom kijken wij niet alleen naar méér of minder bezoekers. De vraag die voor Maastricht Marketing centraal staat is: welk bezoek draagt bij aan de stad die Maastricht wil zijn?
Dat betekent sturen op kwaliteit in plaats van alleen op kwantiteit. Op bezoekers die langer blijven, meer van stad en regio ontdekken en bijdragen aan economie en voorzieningenniveau. En op spreiding over dagen, seizoenen en plekken, met oog voor de balans tussen bezoekers, ondernemers en inwoners.
Daarbij moeten we ook eerlijk zijn over wat we nog niet weten. Buitenlandse dagbezoekers zijn nog beperkt in beeld, net als bezoekersstromen buiten het centrum en de manier waarop inwoners en bezoekers drukte ervaren.
Juist daarom willen we verder meten en onderzoeken. Niet alleen om beleid beter te onderbouwen, maar ook om ondernemers beter te informeren. Wat zoeken bezoekers? Wat waarderen ze? Waarom komen ze terug, of juist niet? Hoe beter we dat begrijpen, hoe beter ondernemers kunnen inspelen op veranderende behoeften en gedrag.
Want uiteindelijk gaat destinatiemanagement niet om het maximaliseren van bezoekersaantallen. Het gaat om het versterken van de stad. Daarvoor moeten we niet alleen weten hoeveel mensen er komen, maar vooral wat hun bezoek voor Maastricht betekent.
Guy Vroemen
Directeur-bestuurder Maastricht Marketing